Ambulance ter plaatse

De ambulance ter plaatse

Daar komt de ambulance!

Je hoort hem in de verte al aankomen. Dan zie je de gele wagen. We parkeren zo dicht mogelijk bij de patiënt. We komen op allerlei plekken: van wegrestaurants tot woonkamers en van kantines tot kantoren en op straat. Elke patiënt is anders: de een is bewusteloos, de ander ziek en weer een ander is gewond. De verpleegkundige wil dus snel weten wat er aan de hand is. Daarom stelt de verpleegkundige veel vragen. Hij doet onderzoek en metingen. Met bijvoorbeeld medicijnen of verband probeert de verpleegkundige de situatie onder controle te krijgen. Als de verpleegkundige denkt dat het kan, bereiden we de rit naar het ziekenhuis voor. Soms voelt een patiënt zich meteen weer beter. Dan hoeft hij niet mee naar het ziekenhuis. Maar soms moet dat wel. Dan leggen de verpleegkundige en de chauffeur de patiënt op de brancard. En dan gaat hij, op de brancard, de ambulance in. En snel weer op weg.